Een heerlijk zitje aan de Sewei


Een heerlijk zitje aan de Sewei
©:

Zondag 7oktober 2001 werd een leegstaand pand aan de Polderboskdyk  te Joure in de as qelegd  Niet veel later werden de geblakerde muren met de grond gelijk gemaakt. In de krant werd aan die gebeurtenis nauwelijks aandacht besteed. Toch ging voor veel Jousters, vooral ouderen, een herinneringspunt uit lang vervlogen tijden verloren. Daarom toch nog maar een terugblik.

Nee, het was geen monumentaal bouwwerk, maar de bestemming sprak veel mensen toch wel aan. Voor de buitenwacht in ieder geval de tijdelijke bestemming van café. De 'gelegenheid' was overigens beter bekend onder de naam 'Heerlijk Zitje', maar daarover later meer.

Het gehele pand, het cafégedeelte met daarnaast een vrij kleine woonruimte en daar weer naast een grotere woning, was oorspronkelijk genummerd Westermeer A 1. Reeds in 1852 komt dat adres in de registers van de voormalige gemeente Haskerland voor. Bewoner was toen Foppe Gerbens Huitema, die in de boeken als boer staat genoteerd. De volgende bewoner was Tijmen Hendriks Loen. In de registers wordt hij soms aannemer genoemd en soms opzichter. Het lijkt aannemelijk dat het cafégedeelte een aanbouw is die op een wat later tijdstip is gerealiseerd. Dat zou dan wel eens het werk kunnen zijn geweest van de zojuist genoemde Tijmen Loen. In een 'register van aangiften ter bekoming van tijdelijke vrijdom en verhoging van grondbelasting' wordt zijn naam in verband gebracht met de stichting van een woning. De gevraagde vrijdom zou acht jaar moeten duren, te beginnen in 1859. Vast staat in ieder geval dat in 1862 zijn adres Westermeer A 1 was. Maar hoe dan ook, hij heeft het daar aan de Sewey met zijn gezin, dat uiteindelijk zeven kinderen rijk was, bijna veertig jaar volgehouden. Daarna worden nog als bewoners genoemd de weduwe C. Nijdam en de agent J. Krot. Hun verblijf aan de Sewey was van betrekkelijk korte duur.
 
De jaren van  het café
 
De eerste bewoner die met de horeca in verband kan worden gebracht is Albert Alberda, afkomstig uit Haskerdijken. Hij kwam in 1908 naar Joure, woonde op het adres Westermeer A 1 en wordt in de boeken bierhuishouder genoemd. Zïjn kleinzoon en tevens hulp, Hielke Meijer woonde op hetzelfde adres, evenals later zijn knecht Jan Mulder. Albert Alberda begon met het café in de periode dat op Pinkstermaandag nog de Seweyster Merke werd gehouden. Merke was een groot woord voor de paar diskes die dan aan de Sewey stonden. Op dezelfde dag werd in Oudeschoot de jaarlijkse (paarden)markt gehouden, nu nog altijd bekend als Skoattermerk. Het verband tussen de beide markten ligt wel een beetje voor de hand. Na een bezoek aan de markt in Oudeschoot konden de marktgangers uit Joure en de Zuidwesthoek van Friesland op Seweyster Merke hun laatste centjes versnoepen. Of in het café natuurlijk.
 
Misschien is dat voor Albert Alberda wel aanleiding geweest om het daar aan de Sewey maar eens te proberen met een café. Vetpot is het echter waarschijnlijk niet geweest. Om er toch wat van te maken hield hij kostgangers. Ruimte was er genoeg. Eén van die kostgangers was Marten de With, toen nog kopergietersknecht, maar later alom bekend als melktapper en trommelslager bïj de muziekvereniging ’Concordia’. Het was niet voldoende om het hoofd boven water te houden. In mei 1919 keerde de bierhuishouder Joure de rug toe.
De namen van de meeste volgende bewoners zijn wel te achterhalen. Het is echter niet altijd duidelijk in welk gedeelte van het pand zij hebben gewoond. In de periode dat Albert Alberda het probeerde met een café, woonde in het pand ook de imker Jan Das met zijn knecht Jurjen van der Honing. Zij vertrokken in oktober 1921 naar een ander stekje in Westermeer.
 
De volgende bewoner was Teije de Wrede. koopman en postbode. Hij ruilde in mei 1929 de Sewey met de Torenstraat, waar hij op 31 maart 1930 overleed. Wellicht kan hij in zijn Seweyster tijd toch ook wel met het café in verband worden gebracht. Hij kreeg daar namelijk hulp van zïjn schoonzuster Margje Bos, weduwe van de schipper Albert Brandsma. Zij werd ingeschreven als verlofhoudster. De weduwe van Teije de Wrede, Elisabeth Brandsma, vertrok in 1937 naar Nijmegen.
Met de komst van Tewes Huizinga, afkomstig uit Uithuizen, kwam in april 1929 weer een echte caféhouder aan de Sewey. Lang bleef hij daar niet wonen en werken. Reeds in mei 1931 vertrok hij naar Wyckel .
 
Mooie pleisterplaats
 
De familie Pieter van der Zwaag hield het aan de Sewey wat langer vol, van mei 1931 tot eind november 1937. In die jaren was het café bekend onder de naam 'Heerlijk Zitje'. Het was een favoriete pleisterplaats voor wandelaars die van een flinke kuiertocht hielden. Een mooie wandeling bijvoorbeeld was 'de Haulstersingel om’, zoals die destijds werd genoemd. Als men, begonnen in Joure, de Scheen achter zich had gelaten, liep men door achtereenvolgens de Haulstersingel, de Breedsingel en de Gravinnesingel. Dan was het nog maar een paar stappen naar ’Heerlijk Zitje'. Daar kon men dan onder het genot van een drankje mooi even de benen strekken. 
 
Een nog wat langere wandeling was 'de Wildehornstersingel om'. Die begon dan op de Vegelinsweg waarna de smalle weg naast 'het kanaal' (nu de Meenscharweg) werd gevolgd tot aan de Wildehornstersingel. Daar kon men rustig wandelen, want de singel was in die tijd nog niet door wegen in mootjes gehakt. Na op de betonbrug over de Overspitting even van het uitzicht te hebben genoten, stond men bij wijze van spreken voor de deur van  'Heerlijk Zitje'.
 
Echte liefhebbers konden links van de zojuist genoemde betonbrug nog even een kijkje nemen in het Polderbos. Na een paar honderd meter al stuitte men op de restanten van een afgebroken molen. Wie lef had en over de bouwval klauterde, kwam terecht in een ongerept stukje natuur. In de nazomer was het Polderbos vooral in trek bij bramenzoekers.
Het was best gezellig, die bezoekjes van wandelaars, maar veel meer dan die gezelligheid hield de familie Van der Zwaag er niet aan over. Vandaar dat het café ook beschikbaar was voor het houden van vergaderingen of andere bijeenkomsten van kleine groepjes. Erg veel ruimte was er niet. zodat men al gauw van 'een volle zaal'  kon spreken.
 
Cursus Esperanto
 
In de herfst van 1934 werd in 'Heerlijk Zitje’ een cursus Esperanto gehouden. Cursusleider was Sjoerd de Vrij. Een telg uit een geslacht van meubelfabrikanten, maar wel uit wat ander hout gesneden. Het was de bedoeling dat hij onderwijzer zou worden. Een tijdlang bezocht hij de Hervormde Kweekschool 'Mariënburg' in I.eeuwarden. maar dat werd geen succes. Niet voor de klas dus, maar het bleek geen beletsel voor een mooie carrière elders.In onze jeugdjaren kenden wij elkaar goed. In onze opvattingen over mens en maatschappij scholen wel wat raakvlakken. Bijna vanzelfsprekend volgde ik dan ook de cursus Esperanto. Sjoerd de Vrij zal door het geven van die cursus in financieel opzicht niet rijk zijn geworden. Maar in een van de vrouwelijke cursisten, Titia Lanting, vond hij wel de vrouw met wie hij niet veel later zou trouwen. Eén van de cursisten ventileerde al spoedig zijn kennis van de wereldtaal op een niet alledaagse manier. In de zomer van 1935 was in Joure een wielerclub opgericht op initiatief van drie plaatselijke amateur-wielrenners: Tjitte Kootje, Sippe Halma en Sietse Hoekstra. De nieuwe club kreeg de aan het Esperanto ontleende naam Kurage Antauen (Moedig Voorwaarts). Eén van de drie oprichters: Sippe Halma. had de cursus in 'Heerlijk Zitje' gevolgd. Hij zal de naam dus wel hebben bedacht. Zo zijn we dan langs een omweg weer terecht gekomen bij het voormalige café aan de Sewey. Voormalig, want Pieter van der Zwaag zag tenslotte geen brood meer in het café. In mei 1937 sloot hij de deur achter zich. Het betekende meteen het einde van het café. Niemand durfde een nieuwe poging te wagen.Wat bleef was de woongelegenheid. Nogal wat gezinnen hebben gedurende kortere of langere tijd op het mooie hoekje aan de Sewey gewoond. Van 1937 tot 1951 woonde de familie Hotze de Kroon in de wat grotere woning rechts. Links daarvan woonde aanvankelijk A. Gietema. Latere bewoners waren Johannes Hanje (tot 1938) en Hielke Meïjer (tot 1941). In mei 1950 ruilde Jan Post zijn boerderij in Rohel voor het vroegere café en de woning daarnaast. In 1950 verhuisde de familie Post naar Joure. Tijdelijke bewoner was ook nog Jacob ten Hage. Het woonhuis rechts was van 1955 tot 1972 het domein van de familie Oostebring.
Na hun vertrek hadden Jouke Woudstra en Huitje Sap, die in september 1959 al de woning naast het vroegere café hadden betrokken, het rijk alleen. Gewone Jousters, maar wel met een bijzonder levensverhaal Over deze beide mensen hopen we later wat meer te kunnen vertellen.
  
 
 
 

Colofon

Door Piet Rigter van der Zee, eerder gepubliceerd in de Jouster Courant van 16 oktober 2002

© Tekst: Administrator
Lees meer

Gerelateerde informatie


Foto’s



Reageren

Via onderstaand formulier kunt u een reactie achterlaten voor de auteur of de eigenaar van het item. (Administrator)