It Nannewiid


It Nannewiid
© Foto voorblad: Stichting Ut Eigen Gea, gepubliceerd onder de licentie/disclaimer: Rechthebbende bij ons onbekend

It Nannewiid

It Nannewiid, ook wel Haskerwide of it Wide genoemd, dankt zijn oorsprong aan de vervening. In de atlas van B. Schotanus uit 1685, staat op de plaats waar nu de golven van het Nannewiid kabbelen, alleen het woord ‘hooylanden’. Omstreeks 1750 kregen die hooilanden, nadat ze waren aangekocht door veenbazen uit Giethoorn een andere functie. Er werd turf gestoken. De turf werd met pramen via de Hogedijkstervaart naar Vierhuis vervoerd waar het vervolgens op grotere schepen werd overgeladen en naar Amsterdam werd verscheept.

Eén van de verveners was de in 1724 geboren Nanne Dirks Drijfhout uit Heerenveen. Deze veenbaas kende het belang van goede aan- en afvoerwegen. Hij zorgde ervoor dat er wegen werden aangelegd, bruggen werden gebouwd en vaarten werden gegraven. Bij Vierhuis liet hij gedeelten uitdiepen om een betere doorvaart te krijgen. Ook liet hij een herberg bouwen aan de oevers van it Nannewiid op de plaats waar nu het witte bruggetje over de Veenscheiding ligt. Hij kon daar met zijn arbeiders afrekenen en men kon er een drankje nuttigen. De schippers konden er vanaf hun schip zo op de wal stappen. Zo werd it Nannewiid in de jaren na 1750 als onderdeel van de vele vergravingen langzamerhand van land in water veranderd. Het werd één van de vele vergraven landen rond Sintjohannesga. Na de inpoldering in 1870 heeft men overwogen om it Nannewiid ook droog te leggen en ge- schikt te maken voor landbouwgrond maar om financiële redenen is dit toen niet doorgegaan. It Nannewiid heeft zijn naam naar alle waarschijnlijkheid ontleend aan deze nijvere veenbaas Nanne Dirks Drijfhout. Het is jarenlang een heerlijk rustige waterplas geweest. Een uniek stukje natuur met een schitterende flora en fauna. Het meertje was er alleen voor de natuur en een enkele keer werd de rust door menselijke bedrijvigheid verstoord door een enkele visser of jager. In de jaren twintig en der tig komt het meertje steeds meer in de be- langstelling van recreanten. Met name het gebied ten zuidwesten van de plas oefende grote aantrekkingskracht uit op dagjes mensen Die huurden voor een dag of een middag een boot en vertoefden dan veelal een poosje op de zogenaamde Douwe Pôle. Dit was een gebied van omstreeks 10 hectare en bestond uit moeras, schraalland en bosjes. Het werd genoemd naar Douwe Postma tot wiens boerderij deze gronden rond 1900 behoorden. De ongerepte natuur was voor velen een lust voor het oog. Veel bijzondere planten en dieren kwam je hier tegen. Fonteinkruid, groot nimfkruid, de visotter, de blei, de kwabaal en de kleine modderkruiper. Het water was er zo helder dat je de snoeken kon zien zwemmen. De bramen van de Douwe Pôle waren bekend om hun voortreffelijke smaak

Beroepsvisser Hotze de Jong uit Sintjohannesga had er een klein schuurtje, waar ‘s zomers thee en frisdrank was te verkrijgen. Vanaf 1947 tot 1958 was visser Hotze de Jong er beheerder en onbezoldigd veldwachter. Vooral in het broedseizoen was toezicht wel nodig om daarmee het roven van eieren tegen te gaan. Naast it Nannewiid lagen nog twee kleinere meertjes. lt Middelgat en it Lytse Wiide. lt Lytse Wiide is thans volledig verdwenen. lt Middelgat is er nog wel en wordt door de meesten it Lytse Wiide genoemd. (Daar waar het bankje op een verhoging staat). In 1926 werd er aan de kant van Oudehaske een natuurbad aangelegd. Een bassin met springtoren en badhokjes en een haventje met steigers zorgde voor een toename van het aantal recreanten in dit gebied. Vooral in de beginjaren was er veel animo voor. Het bestuur organiseerde regelmatig watersportfeesten. In 1928 landden er zelfs drie watervliegtuigen op it Nannewiid. Door de gemeentelijke herindeling van Schoterland en Haskerland in 1934 kwamen Oudehaske en Sintjohannesga in dezelfde gemeente te liggen. Dit deed de raad besluiten om een betere verbinding langs het Nannewiid aan te leggen. Voorheen was dit een slecht begaanbare zand- weg maar op 15 juni 1939 werd er een nieuwe verharde weg door freule Vegelin van Claerbergen geopend. De nieuwe weg kreeg de toepasselijke naam Badweg.

It Nannewiid is voor Heerenveen en om streken een waardevol natuurgebied geworden. Het ligt in een mooi poldergebied en wordt omzoomd door riet en houtgewas. Ook is het nu nog steeds een belangrijke broed- en pleisterplaats voor diverse (water)vogel. De bloemen en de planten in de schraallanden tussen Lytsewiide en Nannewiid zijn zeer bijzonder. Bijvoorbeeld ‘krabbenscheer’ komt hier voor die zo karakteristiek is voor langzaam dichtgroeiende laagveenplassen. Daarnaast is it Nannewiid ook een belangrijk recreatiegebied geworden. ‘s Zomers wordt er gezwommen en gesurfd en ‘s winters kan er meestal gauw geschaatst worden. Toch bestond er al enige jaren onvrede over het meer. Het water was erg troebel, modderig en erg ondiep. Een initiatiefgroep o.l.v. Durk Kornelis, Henk Gemser en Kor Bloemsma stelden alles in het werk om it Nannewiid uit te baggeren. In de jaren negentig ging er een nieuw project van start, het zgn. Regiwa Project: Regionaal Integraal Wa- terbeheer. Daarin werd it Nannewiid op een natuurlijke manier schoongemaakt met behulp van een Helofytenfilter van rietplanten. Tegelijkertijd werd de waterhuishouding van en naar het meer grondig aangepakt. Het agrarisch gebied van zo’n 900 ha. rond het meer kreeg een peilverlaging en de visstand werd weer op peil gebracht. Het herstellen van de kwaliteit van het water vraagt enig geduld maar zeker is dat it Nannewiid op deze wijze alle eer krijgt die het toekomt en er vele generaties na ons nog van dit prachtige natuurgebied genoten kan worden. 

Colofon

Ale Mulder was lid van het Geakundich Wurkferbân Skarsterlân en maakt deel uit van de werkgroep in Sintjohannesga/Rotsterhaule die de plaatselijke geschiedenis vastlegt.

© Tekst: Ale Mulder
Lees meer

Gerelateerde informatie


Foto’s





Reageren

Via onderstaand formulier kunt u een reactie achterlaten voor de auteur of de eigenaar van het item. (Stichting Ut eigen Gea)